Rouwberichten Activiteiten

Allesbehalve luidkeels

Allesbehalve luidkeels

Ik fluister nu. Ik ben erin geslaagd om tegelijkertijd een ernstige nekverrekking en een zware keelontsteking op te lopen. Buiten hun specifieke, totaal niet complementaire pijntjes, brengen beide een eigen bijna ondraaglijke vorm van hoofdpijn teweeg, zowel stekend als zeurderig. Dat laatste straalt uit naar mijn hele lichaam, naar 't schijnt.

Ik zou namelijk een zeurderige zieke zijn, volgens mijn gezin. Fel overdreven natuurlijk en berustend op een enorm misverstand. Ik zeur namelijk niet, ik breng gewoon voortdurend verslag uit over hoe ik me voel. Ik beschouw het als mijn taak om te rapporteren hoe deze niet voor de hand liggende combinatie van aandoeningen mijn denken en doen beïnvloedt, als ervaringsdeskundige, omdat ik weet dat weinigen deze al aan den lijve hebben ondervonden in deze klimatologisch vrij tropische omstandigheden. Ik schrijf en beschrijf, zo ben ik, altijd koortsig op zoek naar nieuwe inzichten, zonder veel te filteren en in te slikken, want dat zou zowel lichamelijk als psychologisch te lastig zijn.

Blijven drinken. Water. Probeerde ik zelfs in de wijn te doen. Zo stelde ik voor om minder te praten door telkens het laatste woord van mijn zin niet uit te spreken, zodat 'men' minder last van mij zou hebben. Wat ze natuurlijk niet weten noch beseffen, is dat het een win-win is, want praten doet me enorm veel pijn. Zo onwetend zijn ze, dat ze niet eens doorhebben dat mijn tot algemeen nut dienende verslaggeving voor mezelf uiterst pijnlijk en afmattend is. Hoe dan ook, het experiment liep faliekant af en zorgde enkel voor nog meer emotionele eenzaamheid. 'Ik heb een stijve,' zei ik vanochtend uit het niets, argeloos duidend op mijn smartelijke en immobiele nek, en de ontbijttafel liep spectaculair snel leeg, onder begeleiding van allerlei wansmakelijke geluiden die eerder aan een acute vorm van buikgriep deden denken.

Het was een kwestie van tijd, zeggen sommigen over de nekverrekking. Je loopt met een soort van hanketankende (*) hyenahouding, al lijk je in verhouding en rekening houdend met je lange poten en je al bij al zachtaardige koppie meer op een giraf. Je moet daarbij ook altijd en overal alles gezien hebben, vinden ze, en vergelijken me dan weer smalend en misschien niet helemaal ten onrechte met het meest nieuwsgierig ogende sprookjesfiguurtje van de Efteling. Je weet wel, die met de nekerecties: Langnek.

Ach, ik loop er nu al bijna een week mee en om eerlijk te zijn: de vreselijk op elkaar inwerkende pijn in keel, hals, hoofd en nek blijft krek hetzelfde. Daarom heeft mijn verslaggeving ('zeuren' in de volksmond) inmiddels plaatsgemaakt voor een vergaande vorm van onverschilligheid. Ik heb me neergelegd bij mijn lot en ik zal het dragen ook. Vragen die me voorheen bezighielden, zoals: blijf ik niet beter strottehoofd zeggen in plaats van strottenhoofd (ik heb uiteindelijk maar één strot, zij het pijn voor minstens tien), wanneer zijn het nu stalagmieten en wanneer stalactieten, bevind ik me nu denkbeeldig in de grotten van Han, Hanne of Kanne en nog duizenden andere kwesties ... Het kan me geen fuck meer schelen. Laat me gewoon rustig 'zijn', dat vergt al meer dan genoeg van me, met deze chronische pijn.

Niets kan me nog iets schelen, buiten de inkomende transfers van Lommel SK, wat er te vreten valt en wie mij wat wanneer te drinken brengt. Mijn lijden is mannelijk en quasi onmenselijk. Het ziet ernaar uit dat ik ga sterven. Traag, pijnlijk en misschien wel verlaten door de enkelingen die mij liefhebben.

Tenzij ik onverhoopt beter word, mezelf weer word. Ik me weer 1.001 dingen zal afvragen, uit mijn pijnvrije en feilloos functionerende nek zal lullen, iedereen de keel weer zal uithangen, geërecteerd filosoferend over de vochtige grot en de prachtige stalactieten van Hanne.


(*) ook in mensonterend moeilijke omstandigheden moet men zichzelf heruitvinden en innovatief blijven. Hanketanken = licht huppelend, een beetje onzeker twijfelen.

Danny VANDENBERK